Waken voor vervolgde christenen

Vandaag kwam ik onverwacht het dossier weer tegen. Opnieuw voelde ik de pijn, de machteloosheid en het falen. Het dossier van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) betreft een Iraanse zuster en haar tienerdochter. Ze behoorden bij een Iraanse geheime christelijke huisgemeente. Er waren foto’s van een dienst gemaakt en die waren in verkeerde handen gevallen. Op een dag werd ze gebeld. “Ga niet naar huis, de politie zoekt je.” In Iran doe je er verstandig aan om zo’n bericht heel serieus te nemen.

Ze was met haar dochter op de vlucht gegaan. Lange stukken door de bergen werden te voet afgelegd. Ze had er onderweg filmpjes van gemaakt. Ze werden van de ene mensensmokkelaar overgedragen aan de andere. De meeste vrouwen komen er niet ongeschonden uit. Ik weet niet meer precies of ze bewust voor Nederland had gekozen, maar ze kwam hier terecht en ze was er blij mee. “Nederland is een christelijk land.”

Wij waren blij dat we iets voor haar konden doen. En zij genoot van haar nieuwe christelijke vrienden. Er was weer hoop. En toen kwam de afwijzing. Ze kreeg negatief. Haar geloofsverhaal was voor de IND niet overtuigend genoeg. Ze moest met hardere bewijzen komen. Maar dat is zo goed als onmogelijk. Ze was geweldig teleurgesteld. “Nederland is toch een christelijk land?” Uitzetting dreigde. We probeerden haar moed in te spreken. Maar op een dag konden we geen contact meer met haar krijgen. Ze leek van de aardbodem verdwenen. Haar advocaat belde met de vraag of wij wisten waar ze was. Nee. Nog steeds voel ik de pijn. We hadden meer voor haar moeten doen. Actiever een plek moeten zoeken waar ze kon verblijven tot ze een nieuwe procedure kon beginnen.

Afgelopen zondag was het zondag voor de vervolgde kerk. Steeds meer groeit ook onder Nederlandse christenen het bewustzijn dat als één lid lijdt, alle leden daarin moeten delen. De vervolgde kerk heeft in onze tijd twee afdelingen. Een in de vele landen waar christenen hevig worden vervolgd en een afdeling van vervolgden die gevlucht zijn. Een klein aantal van de tweede groep is onder ons. Voor hen kunnen we veel meer doen. Helaas gebeurt dat lang niet altijd. Niet zelden worden ze ook door christenen koel ontvangen. Ze vallen soms ook tegen. Het zijn geen bijzondere heiligen. We vergeten even dat die ook onder ons niet dik zijn gezaaid. Maar het zijn wel mensen in nood, mensen die alles hebben moeten verlaten, mensen die ontzettend veel kwijt geraakt zijn. Ze verlangen heel erg naar christelijke gemeenschap en naar vriendschap.

Vrijdag aanstaande is de nacht van gebed voor de vervolgde kerk. Dat is elk jaar zo. De vrijdag na de zondag voor de vervolgde kerk wordt er een nacht lang op veel plaatsen gebeden. Een prachtig initiatief dat jaren geleden genomen is door stichting Open Doors. Een mooi initiatief, maar het blijft wel iets voor een klein groepje enthousiastelingen, terwijl de situatie van de vervolgde kerk schreeuwt om een massale nationale gebedsnacht. 

Wereldwijd worden 340 miljoen christenen vervolgd en wij zijn druk met het organiseren van onze vakantie. Ja, een nacht doorbidden – overigen met pauzes – is pittig, maar wie denkt op zo’n moment niet aan de hof van Gethsémané: waar de discipelen de Here Jezus in eenzaamheid lieten lijden? Een nacht wakker blijven scherpt ons  bewustzijn over de situatie van onze vervolgde broers en zussen. Als je over de hitte van hun vervolging hoort en leest, denk je onmiddellijk: kunnen we iets doen? Dat is een goede vraag, die altijd eerst leidt tot bidden. Bidden, waken en wachten op het antwoord.

Vandaag is Zaut 1 jaar geworden