De grote charismatische ramp

De tsunami aan valse profetieën die ‘Trumps verkiezingsoverwinning’ voorspelden, ging als ‘de grote charismatische ramp’ de geschiedenis in. Michael Brown, een bekende pinksterleider, heeft nu met enkele charismatische leiders een verklaring opgesteld met ‘Profetische Standaarden’ voor ‘verantwoord gebruik van profetie’ in een poging de geloofwaardigheid van de profetische beweging te herstellen. 

Kritisch zelfonderzoek is zeldzaam in de charismatische beweging en dat maakt deze poging lovenswaardig. De verklaring geeft een aantal nuttige richtlijnen voor toetsing en voorkoming van manipulatie. Maar er zitten ook grote gaten in. De verklaring benadrukt dat profetische woorden niet tegen de Schrift in mogen gaan. Maar juist die stelling is gebruikt om veel ‘nieuwe openbaringen’ te rechtvaardigen die op eerste gezicht niet tegen de Bijbel ingaan, maar er ook niet op teruggevoerd kunnen worden en zich dus onttrekken aan objectieve toetsing. Voorbeelden hiervan zijn het valse welvaartsevangelie en de misleidende Toronto-beweging.  

Ik heb vele uren aan ‘profetische boodschappen’ van ‘erkende profeten’ beluisterd. Concrete voorspellingen komen doorgaans niet uit. De meesten kenmerken zich door mystieke en wollige vaagheden of ongrijpbare beloftes. Ze voegen niets wezenlijks toe aan het lichaam van Christus, behalve als instrument om een goedgelovige aanhang te manipuleren. 

Is deze verklaring niet ‘de slager die zijn eigen vlees keurt’? Juist de opsteller Michael Brown heeft in recente jaren verscheidene gevaarlijke bedieningen tegen kritiek verdedigd. Deze verklaring wil ‘niet veroordelen of beschuldigen’. Maar dat is juist het probleem. De charismatische beweging weigert systematisch haar eigen straatje schoon te houden. Zo konden grote schandalen zich ongehinderd ontwikkelen, vaak zelfs ondersteund door ‘profetieën’, zoals in het geval van Todd Bentley

De vraag is of de uitgangspunten in de verklaring wel kloppen. Het Nieuwe Testament geeft onderwijs over het omgaan met profetie in de gemeente, maar niet over de aard van een ambt of ‘bediening van profeet’, waar deze verklaring over spreekt. De verklaring stelt dat er een verschil is tussen de oudtestamentische profeten en de nieuwtestamentische profeten. Het Oude Testament geeft duidelijke toetsingskaders voor profeten. Het Nieuwe Testament geeft die niet. Is een nieuwtestamentische profetische ‘bediening’ dan wel legitiem?

Er is een schril contrast tussen Bijbelse profeten en de huidige profetische beweging. Noch in het Oude Testament, noch in het Nieuwe Testament stonden mensen te trappelen om zich profeet te noemen, behalve de valse profeten. Nu werpen velen zich op als ‘profeet’. De nieuwtestamentische apostelen stelden oudsten en diakenen aan, maar geen apostelen of profeten. 

Profetisch spreken vond plaats in de context van de gemeente en moest getoetst worden. Het kon dus nooit direct Woord van God in de eerste persoon enkelvoud zijn. Veel charismatische profeten spreken ‘direct namens God’ in de eerste persoon enkelvoud. Dat maakt toetsing potentieel een vorm van godslastering. De verklaring zwijgt hierover. 

De verklaring onderscheidt drie soorten profetische fouten. Ten eerste profeten die er soms naast zitten. Zij moeten zich verootmoedigen en de zaak rechtzetten. Ten tweede degenen die er vaak naast zitten. Zij hebben geen profetische gave en moeten zich terugtrekken. En tenslotte valse profeten die tegen Gods Woord ingaan. Zij moeten afgewezen worden. Dit is een kunstmatig onderscheid zonder Bijbelse basis. Waar liggen de grenzen? Mike Bickle, ‘gerespecteerd profeet’ van International House of Prayer, beweert dat tachtig procent van de profetieën en manifestaties van de geest. die hij meemaakt niet ‘echt’ zijn. Toch tolereert hij ze, omdat hij die twintig procent niet wil missen. De hamvraag is: Hoe weet je dat die twintig procent wel echt zijn en geen ‘lucky guess’? Wie kan het allemaal onderscheiden? Dit maakt profetie praktisch onbruikbaar. 

Wat onbesproken blijft in de verklaring is de grote schade die de profetische beweging aanbrengt. De stortvloed van valse profetieën over Trump blijft miljoenen aanhangers tot op heden misleiden. Een aantal valse profeten blijft fanatiek bij hun voorspelling. Enkelen boden hun excuses aan, maar trokken die schielijk weer in toen hun achterban verbolgen reageerde. 

Eén eerlijke ‘profeet’, Jeremiah Johnson, handhaafde zijn excuses, maar kreeg een vloedgolf van ‘satanische aanvallen’ en ‘haat’ over zich heen vanuit zijn charismatische achterban. “Tot mijn diepe verdriet heeft dit mij overtuigd dat delen van de profetisch/charismatische beweging veel ZIEKER zijn dan ik ooit had kunnen vermoeden.” Hij voelt zich gedrongen tot diepere inkeer, omdat zijn valse profetieën anderen wellicht hebben aangezet tot ‘verafgoding van Trump’. 

Michael Brown stelt dat profetische missers een profeet niet tot valse profeet maken. Maar iemand die Gods boodschap in de eerste persoon enkelvoud uitspreekt en ernaast zit, is of een bedrieger of hij is misleid wat betreft de aard van Nieuwtestamentische profetie. Nieuwtestamentische profetie is een door de Heilige Geest gegeven inzicht voor het toepassen van geopenbaarde principes in Gods Woord in specifieke situaties.

Deze ‘grote charismatische ramp’ en de schade die valse profetie aanricht, eisen een grondige herbezinning op de aard van profetie in de charismatische beweging, niet slechts een cosmetische verklaring.